Woensdag 01 Februari 2017 - 12:52

Kleinere eredivisie lijkt (gelukkig) niet haalbaar

Het wil maar niet rustig worden in voetballand. Nadat de benoeming van Gijs de Jong als opvolger van Bert van Oostveen bij de KNVB door de clubs werd geblokkeerd, PSV-directeur Toon Gerbrands zijn commissariaat bij de Eredivisie CV neerlegde en bondsvoorzitter Michael van Praag bij zijn herbenoeming een motie van wantrouwen te verwerken kreeg, is er nu een tweedeling tussen de clubs ontstaan.

De reden: dat de Eredivisie dreigt te worden ingekrompen naar zestien clubs. Al maanden wordt achter de schermen onderhandeld over een nieuw competitieformat. De bedoeling was om eerst consensus te bereiken en in het voorjaar als een eenheid naar buiten te treden. Dat is mislukt. Eerst opperde De Jong in NRC dat een competitie met zestien clubs en daarop aansluitend een kampioens- en degradatiepoule de oplossing was voor het Nederlandse voetbal. Vervolgens kregen diverse kleinere clubs de indruk dat ook Jacco Swart van de Eredivisie CV lobbyde voor dit plan.

Go Ahead Eagles-voorzitter Edwin Lugt liet zich onlangs al zeer kritisch uit over de plannen, inmiddels blijkt dat hij niet alleen staat. De discussie dreigt volledig te ontsporen. Dertien clubs die mordicus tegen zijn, hebben zich verenigd. Vorige week werd op initiatief van NEC-directeur Bart van Ingen een bijeenkomst van tegenstanders belegd. Daarvoor waren uitgenodigd: PEC Zwolle, Excelsior, NEC, Willem II, Heracles Almelo, Roda JC Kerkrade, Go Ahead Eagles, ADO Den Haag, Sparta Rotterdam, NAC Breda, De Graafschap, SC Cambuur en VVV-Venlo.

Onvrede Niet alle clubs waren aanwezig, maar duidelijk is wel dat er brede onvrede leeft. Ze zetten vraagtekens bij zowel het proces als de plannen die nu op tafel liggen. Het beoogde systeem met zestien clubs zou vooral aantrekkelijk zijn voor de top en subtop. Er wordt onder meer gedacht aan een reguliere competitie van dertig wedstrijden, waarna de bovenste zes clubs zich afscheiden in een kampioensgroep die in tien duels om de titel speelt. Dus niet twee keer per jaar Ajax-Feyenoord, maar viermaal. De extra topwedstrijden zouden zowel de sportieve weerstand als de inkomsten van de clubs verhogen.

De groep verontrusten bestrijdt dat een model met zestien clubs de spanning verhoogt. Daarbij wordt gewezen naar de zinderende ontknoping van vorig seizoen en de huidige stand op de ranglijst. Bovendien voorspellen ze dat in de systemen die nu op tafel liggen de economische verschillen alleen maar groeien. Wanneer subtoppers als AZ, Vitesse, SC Heerenveen, FC Utrecht en FC Groningen financieel uit het zicht raken voor de groep eronder, is er straks van spanning helemaal geen sprake meer, zo is de vrees. De oppositie wil het liefst vasthouden aan achttien clubs, waarbij over een kampioenspoule en een zwaardere degradatieregeling met twee directe degradanten best is te praten. Topclubs voelen hier echter minder voor, omdat met achttien clubs en een kampioensgroep van zes, het aantal wedstrijden oploopt naar liefst 44.

Tv-gelden Volgens de dertien moet worden nagedacht over een sterkere Eredivisie over de volledige breedte en niet alleen in de top. Daar zijn verschillende antwoorden op, maar het meest genoemd wordt een eerlijkere verdeling van de tv-gelden. Nu krijgt de nummer achttien vijfenhalf keer minder dan de nummer één. Wordt dat gelijker getrokken dan krijgen de meeste clubs meer financiële slagkracht, kunnen de selecties worden versterkt en neemt de spanning vanzelf toe. De tweedeling is een probleem voor de Eredivisie, want om veranderingen in de competitiestructuur aan te nemen, is een vijfzesde meerderheid nodig.

Bron: www.vi.nl (Tom Knipping en Marco Timmer)



Share |
comments powered by Disqus